Prehabilitatie bij gynaecologische kanker

Vrouwen met eierstok-, baarmoeder- of schaamlipkanker hebben minder kans op complicaties na een operatie als zij pre-operatief deelnemen aan een leefstijlprogramma. Dat blijkt uit onderzoek van arts-promovendus Joëlle Dhanis van het Radboudumc, waarop zij eind augustus promoveerde. De combinatie van bewegen, voedingsadvies en mentale ondersteuning leidde tot minder wondproblemen en een sneller herstel.  

Invloed van leefstijl

Jaarlijks krijgen ongeveer 4.500 vrouwen in Nederland de diagnose eierstok-, baarmoeder- of schaamlipkanker. Het aantal vrouwen met deze vormen van gynaecologische kanker neemt toe. Een ongezonde leefstijl speelt daarbij een rol. Overgewicht, onvoldoende beweging, een ongezond voedingspatroon, roken en alcoholgebruik vergroten het risico op deze en andere vormen van kanker. Bij deze vormen van gynaecologische kanker is vaak een operatie nodig. Ook rondom een operatie heeft leefstijl een belangrijke invloed op de behandeling.  

Voorbereiding op de operatie

Dhanis onderzocht of prehabilitatie – een leefstijlprogramma vóór de operatie – de uitkomsten kan verbeteren. In totaal namen 180 vrouwen deel aan het onderzoek. Zij volgden ongeveer 3 weken lang 3 keer per week kracht- en conditietraining onder begeleiding van een fysiotherapeut. Daarnaast kregen ze voedingsadvies van een diëtist, met speciale aandacht voor voldoende eiwitinname. Indien nodig konden deelnemers ook terecht bij een psycholoog. Rokers kregen daarnaast de mogelijkheid deel te nemen aan een stoppen-met-rokenprogramma. 

Minder wondcomplicaties

Uit het proefschrift van Dhanis blijkt dat prehabilitatie leidt tot betere uitkomsten. In de groep vrouwen die het programma volgde, kreeg 27 procent na de operatie een complicatie. In de groep die geen prehabilitatie kreeg, was dat 37 procent. Vooral het aantal wondcomplicaties nam af bij vrouwen die pre-operatief hadden gewerkt aan hun conditie, voeding en mentale gezondheid. ‘Voor patiënten maakt dat een enorm verschil. Een wondinfectie kan leiden tot extra ziekenhuisbezoeken, een langer herstel en veel ongemak’, aldus Dhanis. 

Invloed van omgeving 

Uit interviews met deelnemers bleek dat veel vrouwen de begeleiding graag wilden voortzetten na de operatie. Volgens hoogleraar gynaecologische oncologie Hanny Pijnenborg van het Radboudumc onderstreept dat het belang van blijvende aandacht voor leefstijl. ‘Daarmee investeren deelnemers niet alleen in hun eigen gezondheid, maar hebben zij ook een positieve invloed op hun partner, familieleden en vrienden. Zij nemen gezonde gewoonten regelmatig over, wat bij hen ook de kans op kanker of chronische ziekten verlaagt’, licht Pijnenborg toe. 

Op weg naar maatwerk 

In het onderzoek kreeg iedere deelnemer hetzelfde programma aangeboden. Volgens Dhanis is de volgende stap om beter te bepalen welke ondersteuning het beste past bij welke patiënt. Door vooraf te screenen op individuele risico’s en behoeften kan in de toekomst mogelijk een meer gepersonaliseerd programma worden aangeboden. Het leefstijlprogramma maakt inmiddels deel uit van de standaardzorg voor vrouwen met gynaecologische kanker in het Radboudumc. Volgens Pijnenborg is het uiteindelijke doel om deze aanpak ook toe te passen bij andere behandelingen, zoals chemotherapie en bestraling, en op termijn op te nemen in landelijke richtlijnen. 

Bron: Radboudumc

Gepubliceerd op 8 september 2026

Door Sophie Luderer

Reageer op dit artikel

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.