Het microbioom en de invloed van voeding
Een gezond microbioom heeft waarschijnlijk niet één specifieke bacteriesamenstelling die voor iedereen geldt. ‘We moeten het ecosysteem als een complex geheel zien, waarbij de “host” een unieke rol heeft.’ Dat vertelde prof. Bruno Pot van Vrije Universiteit Brussel en Science Director van Yakult Europe tijdens World Microbiome Day op 25 juni.
Verandering van het microbioom
Pot gaf op 25 juni een boeiende presentatie in Almere aan een internationale groep journalisten en diëtisten. In de loop der jaren is de diversiteit van het darmmicrobioom van de mens verminderd, aldus Pot tijdens zijn presentatie. Industrialisering en landbouw hebben hier onder andere invloed op gehad. Zo vermindert de diversiteit van micro-organismen in zowel de bodem als ons voedsel door intensieve landbouw. Overmatig gebruik van kunstmest en bestrijdingsmiddelen doodt of verzwakt bijvoorbeeld micro-organismen met als gevolg een verarmd microbioom bij de mens. Andere voedselkeuzes, met bijvoorbeeld meer ultra-bewerkte producten, hebben ook een negatieve invloed.
Westers versus niet-westers
Pot: ‘Als je kijkt naar het microbioom is voeding één van de belangrijkste beïnvloedbare factoren. Een publicatie uit 2017 laat een vergelijking zien tussen een niet-Westers voedingspatroon en een Westers voedingspatroon met veel bewerkte en calorierijke producten als fastfood. Het niet-Westerse voedingspatroon ging gepaard met meer goede bacteriën en goede metabolieten in de darm. Ook het aantal bifidobacteriën, bacteroides en de Prevotella-bacterie waren hoger bij het niet-Westerse voedingspatroon net als de metabolieten butyraat, acetaat en propionzuur. Een niet-Westers voedingspatroon kan zo een positieve invloed hebben op de gemoedstoestand terwijl een Westerse voeding depressie uit kan lokken en voor meer angstgevoelens kan zorgen.’
Gefermenteerd en probiotica
De samenstelling van de voeding heeft veel invloed op het microbioom. Pot ziet ook een rol voor micro-organismen in voedsel, in de vorm van probiotica en gefermenteerde voeding. Gefermenteerde voedingsmiddelen zijn overigens iets anders dan probiotica. Niet alle gefermenteerde voedingsmiddelen bevatten immers voldoende levende micro-organismen voor een positief effect op de gezondheid. Om probiotica te worden genoemd, moet een product voldoende levende micro-organismen bevatten die, wanneer deze worden geconsumeerd, een gezondheidsvoordeel voor de gastheer opleveren. Pot: ‘Gefermenteerde voeding kan op verschillende manieren invloed hebben op de darmgezondheid. Door fermentatie veranderen namelijk niet alleen smaak, textuur en versheid van het product, ook de voedingswaarde van voedsel en de vertering ervan kunnen verbeteren. Zo wordt de biologische beschikbaarheid van verschillende mineralen beter. Probiotica en gefermenteerde voeding hebben een soortgelijk effect op de diversiteit in de darm maar wetenschappelijk gezien zijn het dus 2 verschillende categorieën.’
Functionaliteit belangrijker dan diversiteit
Wie een gezond darmmicrobioom omschrijft, heeft het al snel over een divers microbioom waarbij gezonde bacteriën de overhand hebben. Toch kunnen we volgens Pot een gezond microbioom niet definiëren. ‘Misschien lukt dat wel nooit. Het gaat om een goed functionerend ecosysteem dat veerkrachtig is en bij het individu past.’ Pot haalde het “holobiont-concept” aan: ‘We zijn als gastheer één met de micro-organismen die in en op ons leven en worden als één ecologisch en evolutionair geheel gezien. We zijn zelf ook meer microbe dan mens als je kijkt naar genen en stofwisselingsroutes. Het is echt een symbiose, die voor ieder van ons anders is.’ Pot liet als voorbeeld onderzoeken zien naar het microbioom van Hadza (jagers-verzamelaars uit Tanzania) en naar het microbioom van Inuït. ‘Het microbioom van Hadza is heel divers en verandert met de seizoenen. Hadza eten veel plantaardige producten als bessen en knollen, maar tijdens het droge seizoen juist meer vlees. Hun microbioom past zich hier flexibel op aan en bevat geen bifidobacteriën. Inuït daarentegen hebben een weinig divers microbioom, eten veel vis, weinig plantaardige voedingsmiddelen en krijgen veel vet en eiwit binnen en juist weinig vezels.’ Volgens Pot zijn beide populaties gelijkwaardig gezond. ‘Het microbioom heeft zich zo ontwikkeld dat het de host gezond houdt. Diversiteit is niet de belangrijkste factor, functionaliteit is dat wel.’
Veranderingen door veroudering
Past het microbioom zich altijd aan aan de meest optimale situatie? Pot liet zien dat het microbioom verandert met het ouder worden. Zo neemt het aantal bifidobacteriën met de leeftijd af. ‘Dat gebeurt niet random en is ook geen pathologisch proces. Die afname wordt aangestuurd door veranderingen in voeding en fysiologie, functionele achteruitgang van het immuunsysteem – immunosenescentie – en een verminderde veerkracht. Misschien is het wel goed nieuws dat dit gebeurt. Onderzoek bij muizen laat zien dat zonder microbioom – bij steriele muizen – er onder andere minder energie gaat naar immuunactivatie. Als de muizen wel een microbioom hebben gaat hier juist wel energie naar toe. Kortom, het darmmicrobioom belast de mitochondriale activiteit, vooral op latere leeftijd. En dat zou ten koste kunnen gaan van levensduur. Wetenschappelijk gezien klinkt dit logisch, maar aan de andere kant hebben we het microbioom ook nodig. Er is dus nog genoeg te ontrafelen.’
Gepubliceerd op 6 juli 2026
Door Christel Vondermans


prof. Bruno Pot van Vrije Universiteit Brussel en Science Director van Yakult Europe tijdens World Microbiome Day op 25 juni. Ik krijg een verdeeld gevoel als ik lees dat de hoofdpersoon van die dag directeur van Yakult Europa is