Diabetes type 2 bij Afrikanen mogelijk andere ziektevariant
Bij mensen van Afrikaanse afkomst met een normaal of laag lichaamsgewicht lijkt diabetes type 2 biologisch anders te verlopen dan bij mensen met overgewicht. Zwaardere mensen krijgen de ziekte veelal door insulineresistentie; bij magere patiënten maakt de alvleesklier onvoldoende insuline aan. Dat blijkt uit onderzoek van Amsterdam UMC, de Universiteit van Ghana en de National Institutes of Health.
Miljoenen Afrikanen met ander subtype
Diabetes type 2 wordt doorgaans gezien als een ziekte die samenhangt met overgewicht. In rijke landen klopt dat beeld: bij 90 procent van de mensen met diabetes type 2 is sprake van overgewicht. In Afrika ligt dat anders. Bijna 40 procent van de Afrikaanse volwassenen met diabetes type 2 heeft een normaal of zelfs laag lichaamsgewicht. In landelijke gebieden zoals Ghana loopt dat zelfs op tot 60 procent. Volgens de onderzoekers betekent dit dat er op het Afrikaanse continent naar schatting 10 miljoen patiënten zijn die niet in het standaardbeeld passen: bij hen is het probleem een tekort aan insuline, niet een verminderde respons op insuline.
Verschil in comorbiditeiten
De onderzoekers analyseerden gegevens van ruim 3.300 Afrikaanse volwassenen met diabetes type 2 uit Ghana, Nigeria, Kenia en Europa. Uit de onderzoeksgegevens blijkt dat mensen met ondergewicht vaker oogschade (retinopathie) en beroertes ontwikkelden. Mensen met overgewicht hadden juist vaker een hoge bloeddruk en een verhoogd risico op hart- en vaatziekten. Chronische nierziekte kwam in beide groepen even vaak voor.
Hoeveelheid lichaamsvet
De hoeveelheid lichaamsvet verklaarde het grootste deel van deze verschillen, wat volgens de onderzoekers wijst op echt verschillende ziekteprocessen. Ook de risicofactoren verschillen: waar overgewicht vaak samenhangt met een ongezonde leefstijl, hebben patiënten met een laag lichaamsgewicht vaker te maken gehad met ondervoeding of een laag geboortegewicht, wat de ontwikkeling van de alvleesklier kan verstoren.
Verkeerde behandeling
Ondanks de verschillen krijgen beide groepen in Afrika vrijwel altijd dezelfde behandeling, gebaseerd op internationale richtlijnen: orale tabletten zoals metformine of sulfonylureumderivaten. Deze medicijnen zijn vooral effectief bij insulineresistentie, niet bij een tekort aan insuline. Afrikaanse mensen met diabetes type 2 zonder overgewicht, krijgen dus zeer waarschijnlijk een behandeling die niet past bij hun vorm van de ziekte.
Afrikanen in Europa
Ook voor Afrikanen in Europa geldt waarschijnlijk dat zij een andere behandeling nodig hebben. Uit gegevens uit de UK Biobank bleek al eerder dat mensen van Afrikaanse afkomst met een BMI van 26 hetzelfde diabetesrisico hebben als Europeanen met een BMI van 30. Onderzoeken naar migranten in Europa laten steeds weer zien dat Afrikanen vaker diabetes type 2 hebben, het ongeveer 10 jaar eerder ontwikkelen en slechtere bloedglucoseregulatie hebben dan de autochtone bevolking. De onderzoekers pleiten daarom voor gerichte klinische studies naar behandelstrategieën voor deze grote, maar vaak onderbelichte patiëntengroep. Mogelijk zijn andere behandelkeuzes nodig dan de huidige richtlijnen voorschrijven.
Bron: Amsterdam UMC
Gepubliceerd op 4 september 2026
Door Sophie Luderer


Helemaal mee eens; heeft ook grote invloed op onze begeleiding: uitleg en advies.
Het zou goed zijn als we meer gaan kijken naar de oorzaken/aanleiding die leiden tot diabetes. Gaat het om insulineresistentie, verminderde of inadequate insulineproductie of een combinatie van beide? Termen als SAID, LADA, SIDD, SIRD, MOD en MARD worden dan belangrijke tools voor diagnose en behandeling.