Beweegstimulering peuters krijgt nog te weinig aandacht
Gemeenten erkennen steeds vaker het belang van bewegen op jonge leeftijd, maar specifieke aandacht voor kinderen van 0 tot 4 jaar blijft achter. Dat blijkt uit onderzoek van het Mulier Instituut onder 150 gemeenteambtenaren en 109 BRC-functionarissen, waaronder buurtsportcoaches.
BRC-functionarissen
BRC-functionarissen werken bij alle gemeenten in Nederland en worden via de Brede Regeling Combinatiefuncties ingezet om de deelname aan sport en cultuur te verhogen. Van de BRC-functionarissen uit het onderzoek waren circa 2 op de 3 buurstsportcoach. De andere deelnemers waren bijvoorbeeld beweegcoaches en coördinatoren sport en preventie.
Cruciale levensfase
De eerste levensjaren zijn belangrijk voor de ontwikkeling van motorische vaardigheden en actieve gewoonten. Toch besteedt minder dan de helft van de gemeenten specifiek aandacht aan beweegstimulering voor kinderen van 0 tot 4 jaar. Een deel richt zich wel op de bredere groep van 0 tot 12 jaar, maar zonder aparte aanpak voor de jongste kinderen.
Ambities en obstakels
Bijna de helft van de gemeenten wil meer doen aan beweegstimulering voor jonge kinderen. In de praktijk blijken beperkte financiële middelen en een gebrek aan beleidsprioriteit belangrijke belemmeringen. Ook BRC-functionarissen zien kansen voor verbetering, maar geven aan behoefte te hebben aan meer tijd, kennis en samenwerking.
Samenwerking
Voor activiteiten rond beweegstimulering werken gemeenten en BRC-functionarissen onder meer samen met kinderopvangorganisaties, integrale kindcentra, lokale netwerken en sport- en beweegaanbieders. Vooral bij BRC-functionarissen blijken deze samenwerkingen echter nog vaak incidenteel van aard, waardoor structurele aandacht voor de doelgroep niet vanzelfsprekend is.
Aanbevelingen
Het Mulier Instituut adviseert gemeenten om beleid voor beweegstimulering bij 0-4-jarigen expliciet vast te leggen en te investeren in de ondersteuning van BRC-functionarissen. Het doel is om actieve mobiliteit vanaf jonge leeftijd te stimuleren en daarbij alle jonge kinderen te bereiken.
Bron: Mulier Instituut
Gepubliceerd op 15 september 2026
Door Angela Severs

