Nieuws

 

< vorig nieuwsitem
06 november 2014

Onderzoek Harvard: vervang verzadigd vet door linolzuur

Door: Reina

Onderzoek Harvard: vervang verzadigd vet door linolzuur

Mensen die 5% van hun calorieën uit bronnen met verzadigd vet (rood vlees, boter) vervangen door voedingsmiddelen met linolzuur verlagen hun risico op hart- en vaatziekten met 9%. Het risico op overlijden door coronaire hartziekten daalt zelfs met 13%. Dit blijkt uit een systematische review en meta-analyse aan de Harvard School of Public Health, die eind oktober is gepubliceerd in Circulation.

Het vervangen van 5% van de calorieën uit koolhydraten door linolzuur liet eenzelfde reductie van het risico op hart- en vaatziekten zien. In de analyse zijn 13 cohortstudies meegenomen met in totaal 310.602 deelnemers waarvan er 12.479 hart- en vaatziekten ontwikkelden en 5.882 mensen stierven aan coronaire aandoeningen.
De resultaten onderbouwen volgens de onderzoekers het advies om boter, spekvet en vet van rood vlees te vervangen door vloeibare plantaardige oliën.

Bron: Science daily

Gerelateerd nieuws:
Inname verzadigde vetzuren niet gerelateerd aan risico hart- en vaatziekten
Vetdogma ter discussie


Rob van Berkel, Diëtist/auteur, 14 november 2014:
Graag gedaan Marielle.

Ieder onderzoek heeft zijn voor- en nadelen. Bij ieder onderzoek zijn dan ook kanttekeningen te maken. Het is gemakkelijk om die kanttekeningen te noemen (als het goed noemen de auteurs die zelf ook al), maar het is niet altijd eerlijk om daarmee het hele onderzoe te diskwalificeren. Voedingswetenschap berust grotendeels op observationeel onderzoek, en daar zijn vaak telkens weer dezelfde kanttekeningen bij te maken. Het is wel goed denk ik om deze in het achterhoofd te houden en voorzichtig te zijn met stellingen.

Een systematic review met meta-analyse heeft zeker wel waarde hoor, ook al bestaat deze uit observationele onderzoeken. Maar hoe verhouden deze resultaten zich in de gehele literatuur? Twee andere meta-analyses met prospectieve onderzoeken laten ook een beschermend effect zien op coronaire hartziekten [1, 2]. Chowdhury, et al vond weer geen beschermend effect [3].
Een meta-analyse met gerandomiseerde onderzoeken (waar ook weer kanttekeningen bij te maken zijn) laat een borderline niet-significant verhoogd risico zien op hart- en vaatziekten [4].

Er zijn mensen die met de vinger nadrukkelijk naar linolzuur wijzen als het gaat om gezondheidsrisico’s en daardoor margarines afraden. Daar ben ik niet zo van overtuigd. De meta-analyse van Harvard [5] heeft daar ook een bijdrage aan geleverd. Een argument dat gebruikt wordt om het ongunstige effect van linolzuur te onderbouwen is dat linolzuur het ontstaan van ontstekingen bevordert. Hoewel dat vaak wordt overgenomen, zijn daar (in ieder geval bij gezonde personen) geen bewijzen voor [6]. Linolzuur is en blijft een essentieel vetzuur. Ongetwijfelt zal ergens de grens liggen, waarboven ongunstige effecten optreden, maar waar die grens ligt weet ik niet. De inname van linolzuur in Nederland kent volgens de voedselconsumptiepeiling 2007-2010 een mediaan die varieert van 11-17 gram/dag. Gemiddeld komt dat neer op ongeveer 5-6 en%. Dat lijkt mij geen probleem te vormen.

Een volgende vraag is of linolzuur dan beschermt tegen hart- en vaatziekten. Meta-analyses bevestigen dat niet altijd.

Gezien de grote onzekerheden die er vaak zijn in de voedingswetenschap ben ik een groot voorstander om deze ook te benoemen. Maar om Jaap Seidell en Jutka Halberstadt te citeren in hun boek Het Voedsellabyrint:
“Die onzerkerheid is er bij veel wetenschappers, maar blijkt niet uit de reclames voor margarine. Twijfel verkoopt immers niet”.


Referenties
1. de Goede J, Verschuren WM, Boer JM, Verberne LD, Kromhout D, Geleijnse JM. N-6 and N-3 fatty acid cholesteryl esters in relation to fatal CHD in a Dutch adult population: a nested case-control study and meta-analysis. PLoS One. 2013 May 31;8(5):e59408.
2. Farvid MS, Ding M, Pan A, Sun Q, Chiuve SE, Steffen LM, Willett WC, Hu FB. Dietary Linoleic Acid and Risk of Coronary Heart Disease: A Systematic Review and Meta-Analysis of Prospective Cohort Studies. Circulation. 2014 Aug 26. pii: CIRCULATIONAHA.114.010236.
3. Chowdhury R, Warnakula S, Kunutsor S, Crowe F, Ward HA, Johnson L, Franco OH, Butterworth AS, Forouhi NG, Thompson SG, Khaw KT, Mozaffarian D, Danesh J, Di Angelantonio E. Association of dietary, circulating, and supplement fatty acids with coronary risk: a systematic review and meta-analysis. Ann Intern Med. 2014 Mar 18;160(6):398-406.
4. Ramsden CE, Zamora D, Leelarthaepin B, Majchrzak-Hong SF, Faurot KR, Suchindran CM, Ringel A, Davis JM, Hibbeln JR. Use of dietary linoleic acid for secondary prevention of coronary heart disease and death: evaluation of recovered data from the Sydney Diet Heart Study and updated meta-analysis. BMJ. 2013 Feb 4;346:e8707.
5. Farvid MS, Ding M, Pan A, Sun Q, Chiuve SE, Steffen LM, Willett WC, Hu FB. Dietary Linoleic Acid and Risk of Coronary Heart Disease: A Systematic Review and Meta-Analysis of Prospective Cohort Studies. Circulation. 2014 Aug 26. pii: CIRCULATIONAHA.114.010236.
6. Johnson GH, Fritsche K. Effect of dietary linoleic acid on markers of inflammation in healthy persons: a systematic review of randomized controlled trials. J Acad Nutr Diet. 2012 Jul;112(7):1029-41, 1041.e1-15.
Marielle Faber, dietist, 12 november 2014:
Hallo Rob, bedankt voor je uitgebreide toelichting. Ja, ik bedoel inderdaad de studie onder noemer [3]. Ik merk wel - eerlijk gezegd- dat je je verder in 'onderzoek' zit als ik. Maar als ik het dus begrijp, is dit artikel dus niet zo betrouwbaar.
Rob van Berkel, Diëtist/auteur, 06 november 2014:
Enkele limitaties aan de studie zijn:

o Residuel confounding is niet uit te sluiten.
o Publicatie-bias is niet uit te sluiten (hoewel er geen visuele aanwijzingen voor zijn).
o De meeste studies hebben gebruik gemaakt van FFQ, waardoor sprake kan zijn van over- of onderrapportage van bepaalde voedingsgroepen.
o Ook zelfrapportage kan de nauwkeurigheid nadelig beïnvloeden.
o Bij enkele versies van de FFQ die gebruikt zijn bij de ‘Nurses Health Study’ en de ‘Health Professionael Follow-up Study’ is er een zwakke correlatie tussen de inname van LA en LA in ‘adipose tissue’ [1]. Enkele FFQ maakte bovendien geen/onvoldoende onderscheid in de merken oliën, margarines, saladedressings, etc. waardoor deze minder valide zullen zijn. Bovendien blijkt uit gegevens van de ‘HHANES survey’ dat 38% van de PUFA-inname buitenshuis wordt geconsumeerd.

Interessant is ook de studie van Wu, et al over de associatie tussen circulerend linolzuur en overlijden bij ouderen [2]. Daaruit blijkt een positieve associatie. Een recente meta-analyse vond echter geen effect [3].

Bedoel je de studie van Chowdhury, et al Marielle Faber [3]?

Referenties:
1. Ramsden CE, Hibbeln JR, Majchrzak-Hong SF. All PUFAs are not created equal: absence of CHD benefit specific to linoleic acid in randomized controlled trials and prospective observational cohorts. World Rev Nutr Diet. 2011;102:30-43.
2. Wu JH, Lemaitre RN, King IB, Song X, Psaty BM, Siscovick DS, Mozaffarian D. Circulating Omega-6 Polyunsaturated Fatty Acids and Total and Cause-Specific Mortality: The Cardiovascular Health Study. Circulation. 2014 Aug 14.
3. Chowdhury R, Warnakula S, Kunutsor S, Crowe F, Ward HA, Johnson L, Franco OH, Butterworth AS, Forouhi NG, Thompson SG, Khaw KT, Mozaffarian D, Danesh J, Di Angelantonio E.Association of dietary, circulating, and supplement fatty acids with coronary risk: a systematic review and meta-analysis.Ann Intern Med. 2014 Mar 18;160(6):398-406.
Marielle Faber, dietist, 06 november 2014:
Ligt het nu aan mij, of wordt het nu wel weer verwarrend. Dezelfde onderzoeker schreef afgelopen maart nog dat verzadigd vet geen invloed had op CHZ.....

Voeg reactie toe (alleen diëtisten en gezondheidsprofessionals)

*

* - verplicht veld

*
*
*
*
 
 
 
 
 
 

NieuwsvoorDietisen.nl maakt gebruik van cookies. Meer informatie Sluiten